Grijpskerk en omstreken

volgens het Aardrijkskundig Woordenboek van Van der Aa (1843)

GRIJPSKERK, gem. in het Westerkwartier, prov. Groningen, arr. Groningen, kant. Zuidhorn (1 k.titelpagina boek Van der Aad., 3 m.k., 1 s.d.)1; palende N. aan de gem. Oldehove, O. aan Zuidhorn, Z. aan Oldekerk en GrooteGast, W. aan de prov. Friesland.

Deze gem. bevat de dorpen Grijpskerk, Niezijl en Visvliet, met de daartoe behoorende geh. Westerwaard, Noorderwaard, Middelwaard, Zuiderwaard, Oosterwaard, Kommerzijl (westelijk gedeelte), Juursemakluft, Gaarkeuken, de Westerhorn, Hillemahuis en Pieterzijl. Zij beslaat eene oppervlakte van 3216 bund. 22 v.r. 7 v.ell.2, waaronder 3173 bund. 68 v.r. 80 v.ell. belastbare grond; telt 428 h.3, bewoond door 505 huisgez., uitmakende eene bevolking van ruim 2700 inw., die meest hun bestaan vinden in landbouw en veeteelt. Ook heeft men er eenen pelmolen en eenen schorsmolen4. De grond is meestal zware klei. In den Westerhorn is hij doorgaans hard en zwaar, doch op de Waarden, naar den kant van den Waarddijk, eenigzins zachter en meer vruchtbaar. In het oude land (aldus genoemd, in tegenoverstelling van de later ingedijkte Waarden) bestaat de ondergrond uit knipklei. Ten Zuiden heeft men laag land, dat door watermolens wordt bovengehouden. De Ooster-, Middel- en Westerwaard bestaan uit eene reeks uitmuntende boerderijen, welke zich langs den provincialen zeedijk van Kommerzijl tot aan Munnekezijl uitstrekken, de Zuiderwaard ligt langs de Zuidwaardster-Rijt en den Lage weg, en de Noorderwaard, ook het Waardster-Uiterdijk en Ruigewaard genaamd, langs den Kadijk, buiten welken de voormalige kwelders liggen, welke aangeslijkte landen van de heerlijkste soort zijn.

De inw., die hier meest alle Herv. zijn, maken de gem. van Grijpskerk, Niezijl en Visvliet uit. - De Doopsgezinden behooren tot de gem. Pieterzijl.

De R.K., die hier 3 in getal zijn, worden tot de stat. van Groningen gerekend. - De Isr., van welke men er 20 aantreft, behooren tot de hoofdsynagoge van Groningen.

Men heeft in deze gem. 4 scholen, als: ééne te Grijpskerk, ééne te Niezijl, ééne te Visvliet en ééne te Kommerzijl.

Het d. Grijpskerk ligt 3½ u. W.N.W. van Groningen, 1½ u. N.W. van Zuidhorn, op den ouden weg van den overouden zeedijk. Het is redelijk groot en fraai en van wege den doortogt naar Friesland zeer vrolijk; heeft eene breede ruime straat, welke uit eene lange rij van digt bebouwde huizen bestaat, en zich sluit aan den straatweg van Groningen naar de Friesche grenzen. Deze weg werd in 1842 aangelegd en voltooid.

Op de lijst van den jaartaks van 1500 leest men Ruygwerdt alias Grijpskerke; in de bulle van Paus Pius V, van 1561, Engewerdt alias Grijpskerke; doch op het register van grastallen, van 1536, komen Sebaldeburen-beneden, Grijpskerke, de Uiterdijken, het Rugesant enz. onderscheidenlijk voor. Deze geheele streek, behalve een gedeelte der waarden, behoorde tot het uitgestrekte kerspel Sebaldeburen, en noemde men eertijds Sebaldeburen-binnen. Omstreeks het midden der zestiende eeuw, werd het echter van Sebaldeburen afgescheiden, en bekwam een zelfstandig bestaan.

De Ruigewaard had een eigen dijkregt, dat reeds was van 1476 op sinto Joannis decollationis5, hetwelk mede vergezeld werd door den Proost6 van Kusemer en Johan Grijp, die dus toen reeds onder de voornaamste bewoners dier landstreek voorkomt.

De Herv., welke hier 1100 in getal zijn, maken, met die van de geh. de Gaarkeuken, Juursemakluft, Westerhorn, de Middelwaarden en een gedeelte van Kommerzijl, eene gem. uit, welke tot de klass. van Groningen, ring van Zuidhorn, behoort. Deze gem. werd van 1602 tot 1605 bediend door den Predikant van Sebaldeburen, doch was vervolgens zonder Leeraar tot in het jaar 1607, toen zij eenen eigen Predikant bekwam, die de gem. van Niezijl mede bediende, zijnde die beide gem. alzoo vereenigd gebleven tot in het jaar 1651. De eerste, die in deze gem. het leeraarambt heeft waargenomen, is geweest Johannes Sigefridus Cuperus, die in het laatst van 1607 van Jarsum in Oost-Friesland herwaarts werd beroepen en wegens calumnie7 in het jaar 1610 werd afgezet. Toen in het jaar 1651 de gem. Niezijl van Grijpskerk gescheiden werd, stond aldaar Everwinus Wassenberg, die vervolgens alleen de gem. van Grijpskerk bleef bedienen. Het collatieregt8 is hier in handen van onderscheidene eigenaren, de Heer van Nienoord bezit eenige stemmen.Nikolaas Grijp, wiens nakomelingen hier nog lang woonde, en wiens burg of slot op de Waard Z. van het dorp gestaan heeft, stichtte er in zijnen tijd eene kapel, die in 1582 geheel verwoest en in 1612 onder het beleid van den Hoveling E. van Aschendorp, door de kluften, de Waard, Westerdijk en Juursemakluft weder hersteld werd, om tot Herv. kerk te dienen, zoo als zij thans nog doet. Deze kerk, welke op eene hoogte ligt en in de laatste jaren zeer verfraaid werd, is klein en heeft ten W. eenen regtopgaanden gevel of front, waarin de hoofddeur, boven welke men leest: "Dese kercke van den Edele NICOLAS GRYP gefundeert, is geduirende deze Nederlandische oorloge in 't jaar 1582 geheel geruineert en wederom opgebouwet in de tidt des stillestants van wapenen, Ao. 1612, doer beleyde des Edellen Junchern Everhardt VAN ACHENDORP Hoeveling aldaar en bekostiget van de drie Cluften, WAERT, WESTERDYC en JURSEMA. CORNELIS JANSEN, JACOB CLAESSEN Kerckvoegd."9

steen bij de ingang NH-kerk

De kerk is op het westeinde voorzien van eenen hollen spitsen, zeskanten toren. In het jaar 1832 werd zij begiftigd met een nieuw orgel met twee handklavieren, en een aanhangend pedaal, grootendeels bekostigd, uit een legaat groot 3300 guld., daartoe gemaakt door Aaltje Thomas Wiersma, die te Grijpskerk gewoond had, terwijl het te kort door de gemeenteleden, elk naar vermogen, is aangevuld. Op eenen steen in den gevel van des Predikantshuis, leest men, ter zijde van een borstbeeld, met eene star er onder: Dns Gerhardus Murlinck ut de olde Marcke Prouest to Kusemer 1556.10

steen predikantshuis

Grijpskerk heeft eene eigene vaart, het Poeldiep genaamd, vallende bij de Gaarkeuken in het Hoendiep, hetwelk van Groningen naar Stroobos loopt. Aan de westzijde van het Poeldiep ligt de Poelweg, bestaande uit zware en bij de herfst diepe klei. Wenschelijk ware het, dat deze weg bepuind werd. Intusschen is Grijpskerk aanmerkelijk vervrolijkt door den in 1842 nieuw gelegden straatweg van Groningen naar de Friesche grenzen. Ook heeft Grijpskerk eene eigene schuit, welke drie dagen in de week naar Groningen en vice versa vaart, en ruim en zindelijk is.

Sedert 16 Januarij 1845 is er ook een distributiekantoor van den brievenpost te Grijpskerk, en wordt de straatweg bereden door den post en eenen snelwagen (diligence), ofschoon de tolboomen nog ontbreken, en er dus nog vrijdom van tol is.

Men had hier vroeger twee burgten, de eene stond bij Grijpskerk aan de Jonkerlaan, en heette Reitsema, de andere stond op de Waard, geheeten Aikema.

Te Grijpskerk wordt des voorjaars eene veemarkt gehouden, en wel den eersten Dingsdag in Mei. De kermis valt in den 29 en 30 Augustus.

Het wapen van deze gem. bestaat uit eenen roofvogel (1).11

wapen gemeente Grijpskerk

(1) zie over grijpskerk: n. westendorp, eerste leerrede gehouden in de nieuwe kerk te Sibaldeburen, den 22 November 1807, uitg. te Groningen 1809; en mr. h.o. feith, over de Karspellasten van Grijpskerk, Groningen 1840.

In een aanhangsel voegt Van der Aa nog het volgende over Grijpskerk toe: grijpskerk heeft een Departement der Maatschappij: Tot nut van 't Algemeen, hetwelk den 1 Januarij 1832 opgerigt is en 13 Leden telt. - Den 19 Julij 1581 viel te grijpskerk eenen slag voor, waarin sonoy en norrits het leger van rennenberg sloegen, en hem een verlies toebragten van achthonderd dooden, menigte van wapenen, al de bagaadje en vele gevangenen. Zeven vaandels en drie stukken geschut werden in zegepraal weggevoerd.

1 k.d. = kerkelijk district? m.k. = militiekanton; s.d. = schooldistrict.

2 Het gaat hier om de oppervlakte maten bunder, vierkante roede en vierkante el. In 1843 kwamen deze overeen met resp. hectare, are en centiare. De oppervlakte van de gemeente Grijpskerk was destijds dus 3216 ha 22 are 7 ca.

3 Huizen.

4 Een schorsmolen is een molen die werd gebruikt om eikenschors van fijn te malen tussen de molenstenen. Van deze gemalen schors werd run gemaakt door er water aan toe te voegen. Dit bevatte looizuur. Het werd gebruikt voor het looien van leer.

5 De dag van de onthoofding van Johannes de Doper op 29 augustus.

6 Een proost is een geestelijk leider van een proosdij, een geestelijke instelling die zelf geen priesters heeft. Het betreft hier de rentmeester van het vrouwenklooster "Maria's poort" te Kuzemer bij Oldekerk.

7 Laster, lastering, kwaadsprekerij.

8 Benoemingsrecht: het recht om (mede) een geestelijke te benoemen.

9 Vergelijking met de foto leert dat Van der Aa de tekst op het bord niet geheel correct heeft overgenomen.

10 Het predikantshuis is de huidige Oude Pastorie op het adres Kerkplein 2 en 4.  Behalve de inscriptie staat op de steen een borstbeeld, met daaronder een ster, hangende aan een boomtak. Met "dns" wordt dominus of de heer bedoeld. Gerhardus Murlinck was afkomstig "ut de olde marcke" ofwel Oldemarkt bij Steenwijk.

11 De roofvogel is in werkelijkheid een griffioen. Deze vogel kwam voor in het wapen van de familie Grijp (een griffioen wordt ook wel grijpvogel genoemd). De griffioen is een fabeldier, van boven een adelaar en van onderen een leeuw, waarbij het verstand van de adelaar wordt gecombineerd met de kracht van de leeuw. Het hierboven afgebeelde wapen is dat van de gemeente Grijpskerk dat in 1903 werd toegekend. Het onderste gedeelte van het wapen toont de kerk van Nicolaas Grijp.