Kollum

uitleg speciekohieren Kollum 1797

In de speciekohieren worden "de vijf speciën", een bundeling van vijf verschillende belastingen geregistreerd. Aanvankelijk werd de inning uitbesteed aan de hoogstbiedende, maar na het zogenaamde pachtersoproer in 1748 werd de belasting door daartoe aangestelde ontvangers inge-vorderd. Vanaf dat jaar dateren dan ook de speciekohieren. De belasting werd in 1805 afgeschaft.

De speciekohieren werden jaarlijks vernieuwd. Voor de genealoog zijn ze interessant, niet alleen om inzicht te krijgen in de welstand en middelen van bestaan van de voorouders, maar vooral omdat de kohieren vanaf 1751 melden, waarheen of waarvandaan de inwoners verhuisden. In verband met het hoofdgeld (in 1797 afgeschaft) treft men ook regelmatig kanttekeningen aan als: “de vrouw overleden”, of “een dochter getrouwd” (soms staat er bij met wie), enz. In tegenstelling tot de meeste kohieren bevatten de speciekohieren gegevens van het overgrote deel van de inwoners.

De vijf verschillende belastingen zijn:

  1. het schoorsteengeld; het tarief hiervoor bedroeg 3 caroliguldens per jaar. Soms werd een schoorsteen dichtgemetseld , wat weer in de belasting scheelde. Verder komen ook halve schoorstenen voor: daarmee worden schoorstenen in schuren en stallen bedoeld.
  2. het hoofdgeld; het tarief hiervoor was 3 caroliguldens per hoofd en moest worden betaald door iedere ingezetene van twaalf jaar en ouder en met een vermogen van minstens 600 caroliguldens. Minder gegoeden betaalden de helft (zogenaamde halve hoofden).
  3. het hoorngeld; dit tarief was variabel, afhankelijk van de vruchtbaarheid van de grond, en werd geheven voor koeien van drie jaar en ouder. In dit jaar was het tarief voor Kollum 2 caroligulden per jaar. Voor rieren (koeien van ongeveer twee jaar die nog niet of voor de eerste keer gekalfd heeft) moest het halve tarief worden betaald, kalveren, ossen en stieren waren vrijgesteld.
  4. de belasting op de bezaaide landen; ook dit tarief was variabel.
  5. het paardengeld; dit tarief was 14 stuivers per jaar.

Voor de tabellen met informatie, zie

  1. Laanster- en Luinsterkluft (westwaarts van het dorp Kollum)
  2. Torpmakluft (noordwaarts)
  3. Uiterdijksterkluft (oostwaarts)
  4. Kerkburenkluft (het dorp zelf)
Kluft Totale belasting Aantal hele hoofden Aantal halve hoofden
Laansterkluft
484-19-0
70
4
Torpmakluft
814-3-0
60
10
Uiterdijksterkluft
980-10-12
78
18
Kerk(e)buren
1396-9-10
182
58